Bij
Manchester United is het stof rond het vertrek van Rúben Amorim nog maar net gaan liggen, maar één dossier springt eruit als stille winnaar van het hele verhaal:
Senne Lammens.
Achteraf bekeken was de komst van Lammens veel meer dan een gewone transfer. Volgens The Athletic botste Amorim in de zomer meermaals met de sportieve leiding over het keepersdossier. De Portugees zag "liever ervaring dan potentieel" en duwde nadrukkelijk richting Emiliano Martínez van Aston Villa.
United dacht daar anders over. De club koos bewust voor Lammens: jonger, goedkoper en gezien als een keeper die meerdere jaren kan meegroeien. Amorim voelde zich gepasseerd — een frustratie die paste in een breder meningsverschil over het transferbeleid.
Interne verdeeldheid
Zelfs binnen de spelersgroep was er twijfel. Lisandro Martínez zou volgens dezelfde bron hebben gelobbyd voor zijn landgenoot Emiliano Martínez. Ook bij INEOS-topman Jim Ratcliffe kwam dat signaal terecht.
Maar de sportieve leiding bleef bij haar keuze. Christopher Vivell en Jason Wilcox zagen in Lammens het profiel dat United nodig had op lange termijn, ondanks het gebrek aan Premier League-ervaring.
Lammens antwoordt op het veld
Waar Amorim vreesde voor aanpassingsproblemen, deed Lammens precies het omgekeerde. De ex-keeper van Royal Antwerp FC veroverde snel een basisplaats en liet zich meteen gelden met rustige coaching, reflexen op de lijn en een opvallend volwassen spel in balbezit.
De kritieken zijn sindsdien overwegend positief. Binnen United klinkt steeds vaker dat het keepersdossier — ondanks alle interne spanningen — een juiste beslissing was.
Stil gelijk
Ironisch genoeg werd net die transfer een symbool van het machtsconflict dat Amorim uiteindelijk de kop kostte. De trainer wilde directe impact, de club koos voor toekomst. En voorlopig lijkt die toekomst in het doel te staan.