Het ontslag van
Olivier Renard sloeg in als een bom, maar achter de schermen bij RSC
Anderlecht broeide het conflict al langer. Terwijl de resultaten op het veld de directe aanleiding vormden, onthult
La Dernière Heure nu de diepere oorzaak van de breuk. De breuk gaat niet enkel over gemiste transfers, maar over een fundamentele machtsstrijd over wie de sportieve koers van de Belgische recordkampioen mag bepalen.
Anderlecht is klaar met de "alleskunners". Na het tijdperk van Jesper Fredberg en de korte passage van Renard, wil het bestuur voorkomen dat de club telkens van visie moet veranderen als er een nieuwe sportief directeur aantreedt. De club kiest voor stabiliteit en installeert een modern model waarin de macht niet meer bij één man ligt, maar verspreid wordt over verschillende departementen.
In de nieuwe structuur trekt Tim Borguet aan de sportieve touwtjes, terwijl David Verwilghen de scouting leidt op basis van data en moderne screening. De rol van de toekomstige technisch directeur wordt gedegradeerd tot een technische functie die nauwer bij de eerste ploeg staat. Hij mag adviseren, maar de scouting krijgt de uiteindelijke macht om spelers in kaart te brengen.
Juist daar wrong de schoen voor Olivier Renard. "Renard wilde de grote baas zijn met directe invloed op het transferbeleid, zoals hij dat altijd gewend was. Hij zag het niet zitten om in het nieuwe model slechts een pion in het grotere geheel te zijn", klinkt het in de analyse van de krant.
Anderlecht weigert nog langer te dansen naar de pijpen van individuele sportieve bazen die na een jaar weer vertrekken naar een andere club. De boodschap vanuit Neerpede is duidelijk: de club bepaalt de koers, de werknemers volgen. Terwijl de zoektocht naar een opvolger loopt, is één ding zeker: de volgende sportief directeur van paars-wit zal een teamspeler moeten zijn, of hij zal even snel weer buiten staan als zijn voorganger.