De cijfers liegen niet: Royal
Antwerp FC bevindt zich in een financiële spagaat. Uit de vers gepubliceerde jaarrekening blijkt dat de club een radicale koerswijziging heeft ingezet. Geen miljoeneninjecties meer van
Paul Gheysens, maar een keihard beleid van "verkopen om te overleven".
Terwijl de supporters nog bekomen van de 0-4 pandoering tegen Anderlecht, onthullen de boeken van de club een minstens zo turbulente realiteit. Hoewel het verlies werd teruggebracht tot een schamele half miljoen euro — een huzarenstukje vergeleken met de 12 miljoen van het jaar daarvoor — hangt er een donkere wolk boven de Bosuil.
Het meest opvallende detail in het rapport? De indrukwekkende nieuwe Tribune 2 is niet gefinancierd door leningen of kapitaal van de voorzitter, maar door de verkoop van spelers. De miljoenen die binnenstroomden voor talenten als Doumbia en Lammens (samen goed voor bijna 45 miljoen euro) werden direct in het beton van het stadion gepompt. De club bouwt letterlijk aan haar toekomst door haar sportieve sterren van vandaag op te offeren.
Achter de schermen wordt er koortsachtig gezocht naar vers bloed. Niet op het veld, maar in de bestuurskamer. Antwerp bevestigt dat er "verkennende gesprekken" lopen met potentiële investeerders. Er ligt een concreet voorstel op tafel van een buitenlandse partij, naar verluidt uit de Balkan, die aast op een meerderheidsbelang. Dat meldt Het Nieuwsblad.
Voor Paul Gheysens, die met zijn bedrijf Ghelamco in zwaar weer verkeert, lijkt de weg van de minste weerstand een (gedeeltelijke) verkoop. De revisor plaatste zelfs kanttekeningen bij nog niet betaald sponsorgeld van Ghelamco, wat de urgentie van een nieuwe geldschieter alleen maar vergroot.
De boodschap voor de komende mercato's is onverbiddelijk: de verkoopmachine mag niet stilvallen. Ook in juni 2026 en januari 2027 zal Antwerp spelers móéten verzilveren om de dagelijkse werking te garanderen. De raad van bestuur geeft toe dat er voor sommige sterkhouders al "zéér concrete interesse" is.
Ondanks de sportieve dreun van deze week, toont de club veerkracht door de loonkosten spectaculair te drukken (van 63 naar 42 miljoen euro). Antwerp is niet langer de club die met geld smijt, maar een bedrijf dat elke euro drie keer omdraait.