De trainerswissel bij
Club Brugge blijft vragen oproepen. Toen
Nicky Hayen tijdens het seizoen plaats moest ruimen voor
Ivan Leko, werd dat intern gezien als een noodzakelijke ingreep om nieuw elan te creëren.
Wie puur naar de statistieken kijkt, ziet echter nauwelijks verschil. Onder Leko haalt Club gemiddeld twee punten per wedstrijd, terwijl dat onder Hayen eerder dit seizoen op 1,97 lag. Een verschil dat in de praktijk verwaarloosbaar is, zeker wanneer alle competities worden meegerekend.
Dat zet de beslissing van het bestuur in een ander daglicht. De verwachting was dat Leko meer intensiteit en vuur zou brengen, maar die extra prikkel vertaalt zich voorlopig niet in duidelijk betere resultaten.
Ook op het vlak van prestaties blijft het verhaal gemengd. Club Brugge werd in de Champions League uitgeschakeld door Atlético Madrid en moest in de beker zijn meerdere erkennen in Charleroi. In de competitie staat blauw-zwart momenteel tweede, maar de achterstand op Union bedraagt al vier punten.
De vraag dringt zich dan ook op of de trainerswissel daadwerkelijk het gewenste effect heeft gehad. Hoewel Leko op bepaalde momenten meer energie bracht langs de lijn, blijft de impact op het veld beperkt. Het gevoel leeft dat Club Brugge eerder een cosmetische ingreep deed dan een structurele verandering doorvoerde.
Binnen en rond de club zal die discussie nog wel even blijven nazinderen. Want als de cijfers nauwelijks verschillen, wordt het moeilijk om de beslissing louter op resultaten te verdedigen. Met het einde van het seizoen in zicht, zal de balans definitief opgemaakt worden. Dan moet blijken of de keuze voor Leko echt het verschil heeft gemaakt — of net niet.