De 4-2 nederlaag tegen AA Gent is de spreekwoordelijke druppel geworden voor de Anderlecht-aanhang. Waar de kritiek zich voorheen nog beperkte tot de dug-out van Besnik
Hasi, richt de volkswoede zich nu massaal op het kantoor van
Olivier Renard.
Op sociale media en rondom het stadion klinkt de roep om zijn ontslag luider dan ooit. De sportief directeur, die de ondankbare taak heeft om met beperkte middelen een kampioenenploeg te bouwen, lijkt zijn krediet bij de fans volledig te hebben verspeeld.
De analyse van de fans is hard maar duidelijk: de balans in de kern is zoek. Terwijl Renard afgelopen zomer enkele gokjes waagde, bleven cruciale versterkingen in de defensie uit. De huidige afhankelijkheid van blessuregevoelige spelers en jong talent wordt Renard zwaar aangerekend. Dat coach
Hasi nu publiekelijk verklaart dat hij "kwaliteit mist", wordt door de achterban gezien als een directe motie van wantrouwen aan het adres van zijn sportief directeur.
De komst van de Oekraïner Danylo Sikan moet de reddingsboei worden voor Renard, maar het is een riskante zet. Met slechts één doelpunt dit seizoen in Turkije op zijn teller, wordt Sikan door de kritische achterban met de nodige argwaan bekeken. Als deze transfer niet onmiddellijk rendeert, dreigt het scenario-Vázquez zich te herhalen, en dat is een luxe die Renard zich niet meer kan veroorloven. De sportief directeur zit in een wurggreep: hij moet afslanken om financiële ruimte te creëren, maar de ploeg smeekt tegelijkertijd om dure, ervaren versterkingen die er direct staan.
Bovendien speelt de recente onthulling over de adviserende rol van Romelu Lukaku Renard parten. Fans vragen zich af wie er nu écht aan de knoppen draait: de sportief directeur of een informeel netwerk rond eigenaar Marc Coucke? In een omgeving waar resultaten de enige valuta zijn, is de foutenmarge voor Renard tot nul gereduceerd. De komende weken, waarin de wintermercato sluit en de strijd om de Champions' Play-offs losbarst, zullen bepalen of Renard de architect van de wederopstanding blijft, of het volgende slachtoffer van de Brusselse instabiliteit.