7 op 15 is voor
Anderlecht moeilijk te verdedigen, maar op Neerpede is er voorlopig geen reden om alles overhoop te gooien. De slechte puntenoogst verhult volgens de analyse van
Het Laatste Nieuws dat er tegelijk verschillende factoren spelen die de clubleiding tot geduld aanzetten.
Het belangrijkste argument is misschien wel dat de ploeg die Vítor Bruno voor ogen had, pas helemaal op het einde van de transferperiode vorm kreeg. De trainer werkte een groot deel van zijn voorbereiding met een halve kern af. Jongeren als Joshua Nga Kana, Jayden Onia Seke en Noa Ojea kregen daardoor vroeg hun kans. De laatste nieuwkomers moeten hun voorbereiding eigenlijk nog afwerken.
Daar staat bovendien een Europees verhaal tegenover dat veel positiever oogt. Anderlecht bleef in zes Europese wedstrijden ongeslagen en scoorde daarin veertien keer. In de competitie staat de teller na vijf wedstrijden slechts op drie doelpunten.
Ook de onderliggende cijfers geven de club reden om niet meteen te panikeren. Anderlecht had in elke competitiewedstrijd meer balbezit en creëerde kansen, maar slaagt er onvoldoende in die momenten af te maken. Zelfs tegen Union was het verschil in expected goals veel kleiner dan de 3-0 uitslag doet vermoeden.
Daarbij kwamen er deze zomer bijna dertig miljoen euro aan versterkingen bij. Met de brede kern en de komende interlandbreak krijgt Bruno nu eindelijk tijd om automatismen te kweken.