Terwijl een groot deel van de Anderlechtselectie zich klaarmaakt voor een interlandperiode, blijft Vítor Bruno gewoon aan het werk. De Portugese trainer gebruikt de onderbreking om zijn ploeg grondig te evalueren. Zijn spelers krijgen ondertussen de vrijheid om hun batterijen op te laden.
Bruno beseft dat zijn groep de voorbije maanden veel heeft gevraagd. Sinds de start van de voorbereiding op 22 juni werden ongeveer tachtig trainingen afgewerkt. Bovendien speelde
Anderlecht veertien wedstrijden in 52 dagen. “Elf of twaalf vrije dagen in drie maanden is niet veel”, gaf de coach aan.
Daarom krijgen de niet-internationals ruim een week vakantie. Bruno legt daarbij weinig beperkingen op. “Van mij mogen ze op vakantie naar waar ze willen”, klinkt het in
Het Laatste Nieuws. “I don’t care. Het enige wat ik verwacht, is dat ze op het afgesproken tijdstip opnieuw op de club zijn.”
Dat moment staat gepland op maandag 28 september. Zelf blijft Bruno in België om de eerste maanden van het seizoen te analyseren en te bekijken waar zijn team nog stappen moet zetten.
Voor de spelers die wel vertrekken met hun nationale ploeg, ligt de situatie anders. Onder anderen Danylo Sikan, Mihajlo Cvetkovic, Tawfik Bentayeb en Thelo Aasgaard zijn opgeroepen. Bruno ziet de break nochtans als een kans om nieuwe automatismen te trainen. “Je zou dit kunnen zien als een nieuwe mini-voorbereiding”, verklaarde hij.
Na de onderbreking wacht Anderlecht meteen een zwaar vierluik op verplaatsing, met wedstrijden tegen Cercle Brugge, Dinamo Zagreb, Jagiellonia Bialystok en AA Gent.