Olivier Deschacht smeet de naam van
Yves Vanderhaeghe op tafel als de ideale interim-oplossing, maar in het Lotto Park klinkt een resoluut "nee".
Anderlecht is de tijd van pleisters plakken voorbij. De clubleiding zoekt geen tussenpaus, maar een architect die de puinhopen direct omzet in resultaat.
"Waarom geen Yves Vanderhaeghe?", vroeg Olivier Deschacht zich hardop af. Het lijkt een logische zet: een man van het huis, iemand die de kleedkamer kan "zetten" en de Belgische competitie door en door kent. Toch zal Vanderhaeghe de komende maanden niet op de bank zitten bij paars-wit. De reden? Anderlecht weigert nog langer te gokken op de korte termijn.
De situatie bij de recordkampioen is te kritiek geworden voor een gezellige interim-periode. Met nog slechts zes speeldagen te gaan en een plek in de Champions' Play-Offs die aan een zijden draadje hangt, kan de club zich geen aanpassingsperiode veroorloven. Het bestuur, onder leiding van Kenneth Bornauw, wil een coach die met één klap op tafel de hiërarchie herstelt.
Vanderhaeghe wordt door velen gerespecteerd, maar in Neerpede zoekt men naar een modernere, tactische innovatie. Men vreest dat een interim-coach de spelersgroep – die volgens Deschacht "niet Anderlecht-waardig" is – het signaal geeft dat de huidige malaise slechts tijdelijk is, terwijl er een totale cultuuromslag nodig is.
Anderlecht mikt op een T1 die onmiddellijk een stempel drukt. Geen coach die "het seizoen komt afmaken," maar een trainer die de zomermercato mee voorbereidt en de lijnen voor de komende jaren uitzet. De namen van Vincent Mannaert en Marc Overmars vielen al voor de rol van TD, en voor de trainersstoel zoekt men een vergelijkbaar profiel: een winnaar met een bewezen track record bij topclubs.
Terwijl analist Peter Vandenbempt waarschuwt dat paars-wit "echt bedreigd" is, ziet de clubleiding dat rivalen als Club Brugge en Union wel stabiliteit hebben. Een interim-coach zou de perceptie van een "stuurloos schip" alleen maar versterken. Door direct voor een definitieve oplossing te gaan, hoopt het bestuur het vertrouwen bij de supporters én de transfermarkt te herstellen.