Club Brugge zwaait de Champions League dit seizoen met opgeheven hoofd maar met een wrange nasmaak vaarwel. Hoewel de uitschakeling tegen Atlético Madrid hard aankomt, ziet analist
Hein Vanhaezebrouck een opvallende evolutie vergeleken met het succesverhaal tegen Atalanta van vorig seizoen. Is dit Club Brugge eigenlijk gegroeid, ondanks de resultaten?
De Paradox: Beter voetbal, minder efficiëntie
Volgens Vanhaezebrouck was het spelniveau in de dubbele confrontatie met de Spaanse grootmacht simpelweg hoger dan tijdens de legendarische uitschakeling van Atalanta vorig jaar. "Dit seizoen had Club Brugge een moeilijker programma. Het niveau van de twee matchen tegen Atlético was beter dan de twee matchen tegen Atalanta vorig jaar," aldus Vanhaezebrouck in Het Nieuwsblad.
Terwijl Club vorig jaar vooral overleefde op karakter en pure efficiëntie — waarbij Atalanta domineerde in balbezit en kansen — nam Blauw-Zwart dit jaar het heft in eigen handen. Tegen Atlético was Club bij vlagen de betere ploeg, maar de cijfers liegen niet.
De harde feiten: Defensieve gatenkaas
Het grote verschil zat hem niet in het aanvalsspel, maar in de organisatie achterin. Waar Club vorig jaar een muur optrok, was het dit jaar achteraan te kwetsbaar.
- Aanvallend: 4 goals in twee matchen (Ruimschoots voldoende op dit niveau).
- Verdedigend: 7 tegendoelpunten (Simpelweg te veel).
"Met de efficiëntie van vorig jaar zat Club nu in de volgende ronde"
De conclusie van Vanhaezebrouck is even helder als pijnlijk: Club Brugge heeft bewezen dat het voetballend mee kan met de absolute Europese top (een ploeg die "groter is dan Atalanta"), maar faalde op de details.
"Het was niet slechter dan vorig seizoen, in de knock-outfase zelfs beter", besluit hij. De groei is er, de dominantie ook, maar zonder de defensieve onverzettelijkheid van weleer blijft de volgende ronde een droom.