Toen
Danylo Sikan eind januari met veel bombarie werd gepresenteerd in het Lotto Park, waren de verwachtingen hooggespannen. Sportief directeur Olivier Renard tastte diep in de buidel en legde een slordige vier miljoen euro neer voor de Oekraïense spits van Trabzonspor.
Vandaag, amper een maand later, groeit het gemor in de tribunes. De "agressieve en ongenadige" aanvaller die de netten moest doen trillen, lijkt voorlopig vooral te worstelen met de snelheid en fysiek van de Jupiler Pro League. De cijfers zijn momenteel weinig hoopgevend voor een speler die tot 2030 onder contract staat.
Sikan wacht na zijn eerste wedstrijden nog steeds op zijn eerste doelpunt in competitieverband. Tegen La Louvière bereikte de frustratie een dieptepunt toen zijn eerste echte schot op doel ongelukkig eindigde tegen de rug van ploegmaat Cvetkovic. "Hij heeft tijd nodig", klinkt het in de wandelgangen van Neerpede, maar bij een club die al maanden kampt met een aanvallende droogte van meer dan 400 minuten, is tijd een luxe die men zich niet kan permitteren.
Wat de situatie extra pijnlijk maakt, is de financiële context.
Anderlecht zit niet op een berg geld en de investering in Sikan was een berekend risico van Renard, die kort daarna de club verliet. Mocht de 24-jarige international niet snel renderen, dreigt hij een blok aan het been van de nieuwe sportieve leiding te worden. In de huidige markt kan paars-wit het zich simpelweg niet veroorloven om vier miljoen euro op de bank te laten verkommeren of met groot verlies te verkopen in de zomer.
Toch is het te vroeg om de spits definitief af te schrijven. Analisten wijzen erop dat Sikan bij Shakhtar Donetsk bewees dat hij op het allerhoogste niveau, inclusief de Champions League, kan scoren. De vraag is of hij in het huidige, zoekende Anderlecht wel de juiste ballen krijgt om zijn killerinstinct te tonen. Zonder een snelle ommekeer dreigt het scenario van een "floptransfer" echter werkelijkheid te worden, waarbij een geruisloze aftocht in de zomer niet langer ondenkbaar is.