Kevin De Bruyne staat vrijdag tegen Turkije op Sclessin voor een nieuwe mijlpaal: zijn 10.000ste minuut in het shirt van de Rode Duivels. De middenvelder van Napoli zit momenteel aan 9.985 minuten, zo rekende
Het Belang van Limburg uit. Onder
Mark van Bommel lijkt hij bovendien zijn spelvreugde terug te vinden.
De Bruyne debuteerde op 11 augustus 2010 als 19-jarige in Finland onder Georges Leekens. Bij de rust werd hij die avond vervangen door Steven Defour, vandaag zijn boezemvriend. Intussen staat de teller op 126 caps, 38 goals en 54 assists. Alleen Alderweireld (127), Lukaku (133), Witsel (140) en Vertonghen (157) speelden meer interlands. Van Bommel is al zijn zesde bondscoach.
Vooral in Rome tegen Italië maakte De Bruyne indruk, opvallend na een WK dat geen topper werd. "Maar ik heb geen enkel moment aan afhaken gedacht", vertelde hij daar vorige week over. Het voetbal van Van Bommel, met hoge druk, snelle balherovering en vlugge diepgang, is hem op het lijf geschreven.
"Waardoor De Bruyne opnieuw een beslissende speler wordt", zei Defour in de podcast FC Limburg. "Onder Rudi Garcia moest hij veel lager spelen, als nummer zes. Maar daar heb je De Bruyne niet voor nodig, dat doet hij met alle gemak, maar dan zou ik mijn voetbalschoenen ook nog kunnen aantrekken."
Defour wijst ook naar Nathan Ngoy en Roméo Lavia. "Wat zij allebei hebben: met hun passing doorbreken ze linies, waardoor De Bruyne op dertig meter van het doel van de tegenstander in balbezit komt", klinkt het. "Dan zie je dat De Bruyne nog altijd supergevaarlijk blijft."
Tegen Turkije kan De Bruyne vrijdag de kaap van 10.000 minuten ronden en tonen dat hij onder Van Bommel opnieuw het verschil maakt.