De Belgische beloften beschikken over een opvallende lichting. Nathan De Cat, Lucca Brughmans en Jesse Bisiwu maakten deze zomer lucratieve transfers, terwijl ook Noah Fernandez steeds nadrukkelijker op de radar verschijnt. Toch ziet bondscoach David Penneman, die de U19 onder zijn hoede heeft, een belangrijk werkpunt: talent alleen volstaat niet.
Volgens de coach moeten de jonge spelers leren om ook onderling scherp te blijven. Een goede groepssfeer is waardevol, maar mag niet ten koste gaan van de prestatiedrang. “Je kan ook té goed overeenkomen. Als er iemand zijn taken niet uitvoert, moet je dat ook benoemen op het veld en hard genoeg voor elkaar durven zijn”, zegt Penneman in
Het Laatste Nieuws.
De vier 2008’ers behoren inmiddels tot de beloften, nadat ze eerder de halve finale van het EK U17 bereikten. Toch wil Penneman vermijden dat hun prestaties meteen tot grote voorspellingen leiden. “We moeten niet denken dat de jongens die vorig jaar de halve finale van het EK speelden straks allemaal Rode Duivels zullen worden.”
De onderlinge band kan volgens hem wel een belangrijke troef worden. De spelers kennen elkaar al jaren en kunnen die ervaring later meenemen naar het hoogste niveau.
Ondertussen wil Penneman met de U19 een einde maken aan een lange periode zonder EK-deelname. “Bij de U19 is het blijkbaar al 15 jaar geleden dat we nog eens een eindtoernooi hebben gespeeld. Daar gaan we verandering in proberen brengen.”