Het Nieuwsblad heeft een heel financieel dossier opgemaakt en de centen van alle clubs onder de loep gehouden. Wat blijkt bij
Anderlecht? Dat op financieel vlak voorzitter
Wouter Vandenhaute het helemaal niet zo slecht heeft gedaan.
Hoewel de publieke opinie vaak hard was voor Wouter Vandenhaute, spreekt de boekhouding een andere taal. "Hij laat goeie boeken na", legt sporteconoom Wim Lagae uit.
Onder het bewind van de voormalige voorzitter slaagde Anderlecht erin om de bedrijfsopbrengsten stabiel boven de 111 miljoen euro te houden. De club is commercieel getransformeerd tot een sterk mediamerk met een hoge amusementswaarde op wedstrijddagen, wat de inkomsten ten goede komt.
Misschien wel de belangrijkste prestatie is de sanering van de loonmassa. Anderlecht springt tegenwoordig veel rationeler om met salarissen. Met een loonlast van ruim 53 miljoen euro geeft de club maar liefst 24 miljoen euro minder uit dan aartsrivaal Club Brugge.
Primus van de klas
Eén punt waar Anderlecht onbetwistbaar in uitblinkt, is de doorstroming van eigen talent. Met maar liefst tien zelfopgeleide spelers die structureel speelminuten krijgen — waaronder namen als Mario Stroeykens, Killian Sardella en Tristan Degreef — behoort paars-wit tot de absolute top van het Belgische profvoetbal.