Het nieuwe competitieformat staat onder zeer zware druk. De omstreden 'beschermde status' van de belofteteams in de tweede klasse zorgt voor de nodige problemen en kan de Pro League jaarlijks 12 miljoen euro kosten. Aanstaande dinsdag moeten de clubs stemmen over een noodplan om een financieel bloedbad te voorkomen. Dat meldt Het Laatste Nieuws.
De kern van het conflict ligt bij de U23-teams (zoals Jong Genk en RSCA Futures) die momenteel vastgeklonken zitten in de Challenger Pro League. Vorig jaar werd besloten dat deze beloftenploegen niet konden degraderen, ongeacht hun sportieve resultaten. Een "oneerlijk systeem", oordeelden clubs als Francs Borains en Lokeren, die prompt naar de Belgische Mededingingsautoriteit (BMA) stapten.
Beloftenteams kunnen dan wél weer degraderen
De BMA geeft de klagers nu gelijk: de huidige regeling drukt de eerlijke concurrentie dood. Als de Pro League de verankering niet onmiddellijk opheft, dreigt een jaarlijkse boete die kan oplopen tot 12 miljoen euro. Voor veel Belgische clubs, die de eindjes al aan elkaar moeten knopen, is dat bedrag een absolute doodsteek. Dinsdag 31 maart staat de stemming gepland om dit quotum officieel te schrappen.
Het nieuwe voorstel dat op tafel ligt, verandert de spelregels drastisch. Voortaan zouden belofteteams wél kunnen degraderen naar de amateurklassen als ze op een degradatieplaats eindigen. Er wordt nu gevreesd dat het hele nieuwe competitieformat weer dreigt te verwdwijnen.
Toch nog play-offs?
Critici, waaronder AA Gent-voorzitter Sam Baro, benadrukken dat de huidige competitieformule (met 18 clubs en zonder play-offs) destijds als één onscheidbaar pakket is goedgekeurd. Als er nu aan de stoelpoten van de U23-regeling wordt gezaagd, eisen tegenstanders dat het hele pakket wordt opengebroken. Dit zou betekenen dat ook de veelbesproken afschaffing van de play-offs opnieuw op de agenda komt